Mam, wat wou jij worden toen je klein was?


6

“Mam, wat wou jij eigenlijk worden toen je klein was? “, vroeg Roos mij vorige week. We kijken tijdens het afruimen van de vaatwasser naar één van onze ontbijtbordjes. Daar staat een hele rits aan beroepen op en hoewel ze nog maar net 6 is, heeft ze vaak een duidelijk beeld voor ogen. Ze wil graag ‘dinosaurusbotjesopgraver’ worden (paleontoloog dus, maar die blijft nog niet hangen) worden. Soms is het even (dieren)arts of kapper of medewerker van een dierentuin, maar meestal toch wel ‘dinosaurusbotjesopgraver’.

“Dierenarts”, antwoord ik haar, “net als mijn opa”. 

Kleine meisjes worden groot

Natuurlijk hoeft ze met haar 6 jaar nog heel heel lang geen keus te maken. Vandaag start ze in groep 3 (op zich ook best wel een dingetje hoor. Als je oudste naar groep 3 gaat, een nieuwe fase breekt aan). Maar kleine meisjes worden groot. Ze is een denkertje dus is altijd tien stappen verder. Ze wil vaak weten naar welke middelbare school ze gaat en nu haar oudste neef gaat studeren is dat ook ineens heel erg interessant. Wat het precies allemaal inhoudt, realiseert ze zich volgens mij helemaal niet, maar dromen mag!

Meisje met dromen

Ook ik had als meisje zoveel dromen. Eigenlijk lijkt ze sprekend op mij, want ik was ook altijd net een stapje verder dan het heden. Maar ik wist al vanaf heel kleins af aan dat ik dierenarts wou worden. Ik had (heb) een passie voor dieren. Was altijd bezig met beestjes en reed ook nog eens fanatiek paard. Daarnaast hadden we thuis katten, twee vissen, een volière vol vogels en ik had mijn eigen kwartels. Genoeg beesten dus voor een rijtjeshuis met een gezin van 5. Het liefst was ik hele dag in het bos (dat was gelukkig voor de deur) of in de stallen (iets verder van huis) te vinden. Ik leerde alle ins en outs over dieren en hun welzijn.

Met de paplepel ingegoten

Dat was me namelijk ook wel met de paplepel ingegoten. Mijn opa was dierenarts. En hoewel hij al  richting pensioen ging toen ik geboren werd, heeft hij zijn passie altijd met me gedeeld. In de bovenbouw van de basisschool ging ik altijd bij mijn grootouders lunchen en dan konden we heerlijk samen kletsen, om daarna een potje te gaan schaken. Hij vertelde me vaak allerlei tips en trics over de verzorging van paarden en onze huisdieren. Leerde me signalen te herkennen en vertelde ook wat ik absoluut niet moest doen. 

Op weg om dierenarts te worden

Toen ik na de basisschool naar het VWO ging, leek niets mijn toekomst als dierenarts nog in de weg te staan. De eerste paar jaar liepen gesmeerd, maar daarna begon mijn gezondheid me steeds vaker dwars te zitten. Ik was regelmatig in het ziekenhuis te vinden en als klap op de vuurpijl bleek ik ook nog eens een totale nul in natuur- en scheikunde. Mijn leraar natuurkunde zei letterlijk: “hiervoor ben jij niet in de wieg gelegd jongedame! ” Ik herinner me nog een toets van scheikunde in 4 VWO, het onderwerp weet ik niet meer, zou me waarschijnlijk ook niet meer zoveel zeggen, maar in ieder geval haalde ik na heel hard leren een 1.7. SLIK… Ik mocht herkansen en gelukkig haalde ik mijn cijfer op…met wel één tiende…ik kreeg een 1.8. 

Eigenwijs als ik was, weigerde ik om mijn dromen gelijk aan de kant te schuiven. Daarom koos ik een vakkenpakket waar wel scheikunde en wiskunde in zaten. Natuurkunde was toch echt een no go, dus hier moest ik het mee doen. Maar al snel bleek het niet zo’n goede keus. Mijn vakkenpakket in combinatie met een lange ziekenhuisopname en veel ziek zijn, zorgde ervoor dat ik moest besluiten om na 5 VWO eindexamen HAVO te gaan doen. BAM daar ging mijn droom om dierenarts te worden. Realitycheck



De plannen worden gewijzigd

5 HAVO deed ik daarna met twee vingers in mijn neus en mijn handen in mijn broekzak, maar dierenarts worden was er niet meer bij (teruggaan naar het VWO vond ik ook geen optie. Ik was inmiddels 18). Daarom koos ik een andere medisch vak, op HBO-niveau: Verloskunde! Daar vloog ik de allerlaatste loting (er waren meerdere rondes) de laan uit… en dan? Dan moet je nog een last-minute keus maken. Fysiotherapie speelde door mijn hoofd, maar dat was het toch ook niet helemaal.

Dus dan maar PABO.. Say what? Waar is de medische kant? Ja nergens…. zoek… zoekende… of hoe je het ook maar noemen wilt. Kinderen vond ik altijd al wel leuk en het onderwijs zit in de familie, dus ik besloot een kans te wagen. Ik heb een geweldige studietijd gehad… nou ja, meer tijd dan studie, maar in ieder geval was ik 3,5 jaar later juf! 

Spijt?

Of ik nooit spijt heb gehad? Nee nooit, nou ja, das niet helemaal waar, maar ik heb wel genoten van de 15 jaar die ik voor de klas heb gestaan. Al die tijd stond het kind voor mij centraal en nu ik sinds februari geen leerkracht meer ben, mis ik dat toch wel een beetje. Tegenwoordig werk ik als tekstschrijver. Nieuwe roeping, nieuwe kansen, nieuwe inzichten en vooral heel veel plezier. Misschien heb ik gewoon 36 jaar moeten wachten, om dat te vinden wat ik oprecht leuk vind. De medische kant blijft een interessant fenomeen, maar ach, daar krijgen we helaas als patiënten al genoeg mee te maken. Om nu nog weer een x-aantal jaar te gaan studeren hoeft op zich ook weer niet! Ik vind mijn studie tot copywriter lang genoeg!

figures-1372458_1280

Droom je mooiste droom

Dus lieve Roos…. droom je mooiste dromen, werk voor je doelen, maar weet dat er een kans is dat je je koers moet wijzigen en als je dat moet doen..doe het dan met opgeheven hoofd en genieten van elk moment!

Wat wou jij worden toen je klein was?  

annemarel
6