De reünie…Een weerzien met oud-leerlingen en oud-collega’s!


7

Nu ik sinds februari weg ben uit het onderwijs, bekruipt me soms nog meer dan anders het gevoel van nieuwsgierigheid: Hoe zou het met mijn oud-leerlingen en oud-collega’s gaan. Toen ik namelijk nog in Daarle aan het werk was, hoorden we via de tamtam regelmatig verhalen uit het dorp. Leerling x was afgestudeerd, leerling Y was getrouwd en leerling Z had haar eerste kindje gekregen. Zo bleef ik vanaf de zijlijn nog wel een beetje op de hoogte van het wel en wee van mijn oud-leerlingen. 

Maar nu ik niet meer op school kom, mis ik dat toch. Natuurlijk hoor ik de echte hoogtepunten of dieptepunten nog wel van mijn vriendin, die daar nog steeds werkzaam is. Maar toch voelt het anders; Je zit minder in het verhaal. Des te leuker vond ik het dus ook, om onlangs een uitnodiging te krijgen voor een reünie met allemaal oud-leerlingen en oud-collega’s.

Een feestje!

Geen feestje zonder reden, want CBS de Ark bestaat dit jaar maar liefst 40 jaar! Ik heb het geluk gehad om van deze 40 jaar, 15 jaar aan de school verbonden te zijn geweest. Als juf sta je, met je collega’s, aan de wieg van de toekomst. De toekomst van bijna alle kinderen in het dorp Daarle. Als je 15 jaar verbonden bent aan een school,  leer je veel gezinnen kennen en weet je van veel gezinnen wat er speelt. Maar als de leerlingen na groep 8 van school gaan, en ook nog eens het jongste of het enigste kind binnen een gezin zijn, dan moet je het doen met de tamtam. Nou weet iedereen dat de tamtam in staat is om van een mug een olifant te maken…dus de betrouwbaarheid is soms ver te zoeken. 

Enthousiast…toch?

In eerste instantie was ik razend enthousiast toen ik de uitnodiging kreeg. Hoe leuk zou het zijn om allemaal oud-leerlingen en oud-collega’s te zien en te spreken. Om in real life te horen hoe het met ze gaat en samen herinneringen op te halen. Maar in de aanloop naar de reünie bekroop me natuurlijk weer mijn bekende  gevoel van ‘oh oh wat als….’: Want wat als de leerlingen helemaal niet dezelfde leuke herinneringen aan mij hebben als ik aan hen, wat als ze vonden dat ik ze niet naar het goede vervolgonderwijs heb doorverwezen, wat als de confrontatie met het onderwijs en mijn oude werkplek te pittig zou zijn (wat ik niet verwachtte, ik geniet erg van wat ik nu doe). Wat als….nou ja, vul zelf maar in. In ieder geval genoeg beren. Omdat ik wist dat ik anders ontzettend veel spijt zou krijgen, ben ik zaterdag natuurlijk wel naar Daarle gereden. 

Gelukkig (lees: natuurlijk) bleek de angst totaal ongegrond. Wat een geweldige middag, wat een geweldige organisatie en wat een genot om ‘mijn kinderen’ groot te zien. Vooraf had ik vooral één wens: Hoe lief ik alle groepen ook heb gehad (en dat meen ik uit de grond van mijn hart), je eerste groepje blijft toch heel erg bijzonder. Deze leerlingen zou ik graag terugzien!



Mijn eerste groep

In 2002 startte ik als LIO-stagiaire (laatste jaar van de PABO) in mijn eerste groep 7. Twee dagen in de week was ik hun juf. Na de zomer mocht ik, wegens ziekte van hun leerkracht, met ze mee naar groep 8. Daar heb ik een heel jaar genoten van mijn groepje. Het werd een bijzonder jaar waarin mijn vaardigheden als juf op allerlei manier op de proef werden gesteld. Samen deelden we lief en leed (helaas verloren we hun meester en mijn directeur na een pittig ziektebed). Hoewel de groep geen eenheid was (meer eilandjes) waren ze wel verbonden. 

Toen ik afgelopen zaterdag met ze stond te praten besefte ik ineens hoe jong ik was, toen ik hun juf werd. Zij waren 10/11/12 jaar, ik was 21. Vers van de opleiding, vers van de pers.  Als ik terugdenk besef ik me dat ik eigenlijk net zoveel van hen heb geleerd, als zij van mij. Alleen op een ander vlak. Nu zijn het volwassenen van midden twintig. Ze beginnen hun leven vorm te geven. Ze beginnen zich te settelen. Hebben een baan, krijgen een huisje, een relatie en in de toekomst misschien zelfs wel kinderen. Als hun juffie ben ik eigenlijk alleen maar trots op wie ze zijn geworden!

20045538_1265501030242360_1875964563923665954_o


Jammer genoeg waren er van ‘mijn groeppie’ maar 6 leerlingen. Van andere groepen heb ik gelukkig ook nog heel veel oud-leerlingen gezien en gesproken. Geweldig! Ik was van te voren bang dat ik veel leerlingen niet meer zou herkennen, maar niets is minder waar! Iets van hun kindertijd zie je altijd terug in hun ogen en dan …dan zijn ze gewoon weer die kinderen die ik in de klas had! 

annemarel


7